De toenemende druk op rapportage en regelgeving
Binnen de Europese Unie groeit de roep om het verminderen van administratieve lasten, aangezien bedrijven, werknemers en zelfstandigen waarschuwen dat de stijgende eisen hun beschikbare middelen opslokken. Deze middelen zouden anders gebruikt kunnen worden voor loonverhogingen, investeringen en het versterken van de concurrentiekracht. De Europese Commissie zet zich in voor het vereenvoudigen van regelgeving, waarbij Commissaris Valdis Dombrovskis heeft benadrukt dat het tempo van deze inspanningen op hetzelfde niveau moet blijven. Tegelijkertijd wordt de discussie scherper door nader onderzoek van de Europese Ombudsman naar procedurele shortcuts in recente wetgevingsprocessen, waaronder onvolledige impactanalyses en ingekorte consultaties.
Structuurbelasting en de impact op bedrijven
Marcin Nowacki, vicevoorzitter van ZPP—de vakbond voor ondernemers en werkgevers—beschrijft een situatie waarin de administratieve taken zodanig zijn toegenomen dat ze verder gaan dan wat bedrijven realistisch kunnen verwerken. Deze taken vormen een structurele last. Volgens hem bouwen veel bedrijven volledige interne rapportageteams op, soms bestaande uit tientallen medewerkers, puur voor compliance-doeleinden. Deze kosten beïnvloeden het dagelijks functioneren van bedrijven en hebben directe gevolgen voor werknemers, die begrijpen dat middelen die aan papierwerk worden besteed, niet beschikbaar zijn voor betere salariëring, scholing of technologische upgrades. Vooral kleine en middelgrote ondernemingen (KMO’s) ondervinden steeds meer druk, zelfs wanneer zij niet binnen de formele scope van rapportageplicht vallen—wat automatisch op iedereen druk uitoefent.
De problemen voor freelancers en zelfstandigen
Ook zelfstandigen zijn met hun eigen versie van het probleem geconfronteerd. Vaak blijven zij onder de radar of krijgen ze onvoldoende politieke aandacht, terwijl ze een steeds belangrijker onderdeel vormen van de Europese arbeidsmarkt. Volgens Glen Hodgson, oprichter en CEO van Free Trade Europa, worden freelancers niet betrokken bij wetgevingsprocessen die hen direct aangaan. Hierdoor worden ze soms als tweederangsburgers behandeld. Hodgson waarschuwt dat interpretaties van de EU-richtlijn over platformarbeid de flexibiliteit kunnen ondermijnen waarop veel freelancers vertrouwen. Hij benadrukt dat freelancers niet gedwongen mogen worden tot vaste 9-tot-5-contracten en dat zij het recht moeten houden om te bepalen wanneer, waar en hoe ze werken. Overmatige bureaucratie en gebrek aan strikte handhaving rondom late betalingen blijven veel tijd opslokken van zelfstandigen en kleine ondernemingen, wat hun concurrentievermogen beperkt.
Potentiële convergentie tussen werkgevers en vakbonden
Ondanks de frustraties herkennen werkgeversverenigingen en vakbonden het belang van gedeelde prioriteiten. Sandra Parthie, voorzitter van de werkgeversgroep van het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC), stelt dat beide partijen regels willen die hun doelstellingen bereiken zonder onnodige duplicatie of administratieve verwarring. Zij ziet kansen voor gezamenlijke actie op het gebied van digitalisering, duidelijke procedures en gemakkelijker grensoverschrijdende interacties. Slimmere systemen kunnen volgens haar de lasten voor zowel werkgevers als werknemers verminderen. Daarnaast wijst Parthie op de consensus over handhaving: een consistente en coherente naleving van bestaande regels wordt door beide groepen gesteund, inclusief de naleving door bedrijven uit derde landen.
De afweging tussen ambitieniveau en realiteit
Hoewel er overeenstemming bestaat over de noodzaak van vermindering van bureaucratie, vindt niet iedereen dat de huidige EU-agenda voldoende ambitie toont. Nowacki stelt dat de doelstellingen van de Europese Commissie te beperkt zijn, vooral gezien de economische druk, zoals hoge energieprijzen, lage productiviteitsgroei en afnemende investeringen. Kleine verbeteringen zijn volgens hem niet toereikend. Hodgson deelt deze mening van het perspectief van zelfstandigen en benadrukt dat digitale procedures en fiscale vereenvoudigingen onvoldoende hebben bijgedragen aan het verlichten van de werkdruk, terwijl handhavingsmissers het vertrouwen in het systeem blijven ondermijnen.
Langdurige integratie van vereenvoudiging in beleidsvorming
Voor Parthie is duurzame vooruitgang alleen mogelijk wanneer vereenvoudiging wordt geïntegreerd in het gehele wetgevingsproces. Zij pleit voor het maken van regelgeving met minder administratieve lasten als kernpunt, ondersteund door concurrentievergelijkingen en strengere evaluaties voorafgaand aan nieuwe verplichtingen. Duidelijke terminologie en coherente definities kunnen complianceproblemen voorkomen. Zij benadrukt dat consultatieprocessen vroegtijdig en serieus moeten worden ingevuld door werkgevers, werknemers en maatschappelijke organisaties. Daarnaast moeten overheden beschikken over moderne, interoperabele systemen en voldoende middelen om de regels effectief uit te voeren. Verbeteringen op lange termijn vereisen voortdurende samenwerking tussen werkgevers, vakbonden en overheden om het regelgevingskader te monitoren en te verfijnen.
Balans tussen concurrentievermogen en regelgeving
De overheidsboodschap is duidelijk: vereenvoudiging betekent niet het verzwakken van standaarden, maar het ontwerpen van effectieve, proportionele en coherente regelgeving die gebaseerd is op daadwerkelijke operationele capaciteit. De belofte van de Europese Commissie om bureaucratie te verminderen, opent politiek een venster van kansen. Echter, alleen een geloofwaardige, transparante en inclusieve aanpak kan leiden tot duurzame verbeteringen voor de economie en de arbeidsmarkt in Europa. Nowacki onderstreept dat Europa niet kan blijven rapporteren zonder dat het bijdraagt aan de economische transformatie. De middelen die hierin worden gestoken, moeten daadwerkelijk voorzien in een vooruitgang die voldoet aan de eisen van de tijd.









